Aansprakelijkheid werkgever bij bedrijfsongeval

Honderden cliënten succesvol geholpen

Altijd kosteloos voor u

20+ jaar letselschade-ervaring

Binnen 24 uur persoonlijk contact

Direct antwoord
Wanneer is een werkgever aansprakelijk voor een bedrijfsongeval?
Op grond van art. 7:658 BW is de werkgever aansprakelijk als hij niet kan bewijzen dat hij alle redelijkerwijs te nemen veiligheidsmaatregelen heeft genomen. De bewijslast rust bij de werkgever, niet bij u.

De zorgplicht: wat de werkgever moet doen

De zorgplicht van art. 7:658 BW verplicht de werkgever de arbeidsplaats, gereedschappen en werkwijzen zo in te richten dat de werknemer zo min mogelijk risico loopt. Dat omvat: risico-inventarisatie en evaluatie (RI&E), adequate instructie, beschikbaarstelling van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM), toezicht op naleving van veiligheidsregels en periodiek onderhoud van machines en materieel.

De omgekeerde bewijslast

Het bijzondere aan art. 7:658 BW is de omgekeerde bewijslast. Normaal moet een slachtoffer aantonen dat een ander aansprakelijk is. Bij bedrijfsongevallen is het anders: u toont aan dat u schade heeft geleden tijdens de uitvoering van uw werk. Vervolgens moet de werkgever bewijzen dat hij zijn zorgplicht wél heeft nageleefd. Kan hij dat niet, dan staat aansprakelijkheid vast.

Bewuste roekeloosheid: de enige uitzondering

De werkgever kan aansprakelijkheid alleen volledig ontlopen als hij bewijst dat het letsel het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Bewuste roekeloosheid is een hoge lat: de werknemer moet zich vlak vóór zijn gedraging werkelijk bewust zijn geweest van het roekeloze karakter ervan. Een inschattingsfout of haast is geen bewuste roekeloosheid. Dit verweer slaagt in de praktijk zelden.

Typische schadevergoeding bedrijfsongeval
EUR 15.000 – EUR 300.000+
Sterk afhankelijk van ernst letsel, leeftijd, beroep en mate van blijvende invaliditeit.

Art. 7:658 lid 4: ook voor ZZP’ers en ingeleend personeel

Niet alleen eigen werknemers zijn beschermd. Art. 7:658 lid 4 BW breidt de zorgplicht uit naar iedereen die in de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever werkzaamheden verricht, ook al is er geen arbeidsovereenkomst. Dat omvat ZZP’ers, uitzendkrachten en gedetacheerden die feitelijk werken onder leiding of toezicht van de opdrachtgever.

Behaald resultaat — vergelijkbare zaak
Werkgever bood aan
EUR 5.000 aangeboden
Wij haalden
EUR 74.000 behaald
Werknemer gewond bij val van ladder. Werkgever bood EUR 5.000. Na bewijs van ontbrekende RI&E en onvoldoende instructie: EUR 74.000 toegewezen voor inkomensverlies en smartengeld.
Gratis beoordeling van uw zaak
Vertel ons wat er is gebeurd. Wij beoordelen uw zaak zonder kosten en zonder verplichtingen. De juridische kosten worden verhaald op uw werkgever via art. 6:96 BW.

Start gratis beoordeling

Veelgestelde vragen over aansprakelijkheid

Een werkgever is aansprakelijk op grond van art. 7:658 BW als hij niet heeft aangetoond dat hij alle redelijkerwijs te nemen veiligheidsmaatregelen heeft genomen én instructies heeft gegeven die nodig waren om het letsel te voorkomen.

Normaal moet een slachtoffer de aansprakelijkheid bewijzen. Bij bedrijfsongevallen is dit omgedraaid: de werkgever moet bewijzen dat hij zijn zorgplicht wél heeft nageleefd. Kan hij dat niet, dan is hij aansprakelijk.

Alleen als de werkgever bewijst dat het letsel het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer. Een inschattingsfout is geen bewuste roekeloosheid. Het verweer slaagt zelden.

Ja. De werkgever is aansprakelijk voor fouten van personen die hij inschakelt bij de uitvoering van zijn verbintenis. Fouten van collega’s zijn fouten van de werkgever.

Ja. Art. 7:658 lid 4 BW biedt bescherming aan personen die niet in dienst zijn maar feitelijk werkzaamheden uitvoeren voor een ander en daarbij onder leiding of toezicht staan van de opdrachtgever.

Meld het ongeluk direct schriftelijk bij uw werkgever en laat het vastleggen in een bedrijfsongevallenrapport. Raadpleeg zo snel mogelijk een letselschadeburo. Verjaringstermijn: 5 jaar (art. 3:310 BW).
Meer informatie?

Vraag gratis advies aan

Scroll naar boven