Werkgever aansprakelijk: Poolse werknemer beide enkels gebroken na val van treeplank
Letsel aan de enkels © Letselschade-Claim
De situatie
Op 4 september 2021 voerde een Poolse werknemer — in dienst bij een vennootschap onder firma — grasmaaiwerkzaamheden uit langs de A59. Hij maaide met een elektrische grasmaaier de groenstroken rondom de hectometerpalen. Om snel van paal naar paal te rijden, maakten hij en zijn collega gebruik van een bedrijfswagen met een treeplank aan de zijkant. Die treeplank was door de werkgever zelf gemaakt en ongeveer een week vóór het ongeluk in gebruik genomen.
De werknemer stond op de treeplank terwijl zijn collega de bestelwagen langzaam voortbewoog. De grasmaaier — zo’n acht kilo zwaar — hing via een band om zijn lichaam. Eerder op die dag was hij al eens van de treeplank gevallen, maar toen had hij geen letsel opgelopen. Later op de dag verloor hij opnieuw zijn evenwicht en viel — nu met fataal gevolg. Beide enkels braken. Hij werd opgenomen in het ziekenhuis. Tijdens zijn arbeidsongeschiktheid ontving hij slechts 70% van zijn loon.
Verweer van de werkgever
De werkgever ontkende aansprakelijkheid. Het stond als een paal boven water dat op een treeplank van een rijdende auto staan levensgevaarlijk was, zo betoogde hij — een feit van algemene bekendheid. Bovendien zou de werknemer bewust roekeloos hebben gehandeld: hij wist dat de treeplank uitsluitend bedoeld was als ophangplek voor een blazer, niet om op te staan. En hij was die dag al eerder gevallen, zodat hij het gevaar kende.
De werkgever stelde ook dat hij wél aan zijn zorgplicht had voldaan: er waren werkinstructies, en de werknemer kende de regels.
Wat de rechtbank besliste
De kantonrechter van de Rechtbank Rotterdam oordeelde dat de werkgever niet aan zijn zorgplicht had voldaan. De werkinstructies waren te algemeen van aard — ze legden de verantwoordelijkheid hoofdzakelijk bij de werknemer zelf — en bevatten geen concrete instructie dat men uitsluitend op de passagiersstoel mocht meereizen. Bovendien waren die instructies uitsluitend in het Nederlands opgesteld, terwijl de werknemer alleen Pools machtig was. Als hij al wist van het bestaan van de instructies, kon hij ze simpelweg niet begrijpen.
Verder was er géén schriftelijke risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). En de werkgever had tijdens de zitting niet concreet kunnen verklaren wanneer en hoe hij de werknemer mondeling had geïnstrueerd over het gebruik van de treeplank.
Over de bewuste roekeloosheid oordeelde de rechter kort en duidelijk: de werknemer was weliswaar eerder die dag gevallen, maar had daarbij géén letsel opgelopen. Het was dan ook begrijpelijk dat hij niet had beseft hoe gevaarlijk de handelwijze was. Zonder dat besef is er geen sprake van bewuste roekeloosheid in de zin van de wet.
| Verweer werkgever | Oordeel rechtbank |
|---|---|
| Treeplank is levensgevaarlijk — algemeen bekend | Verworpen — vergelijkbaar met vuilnisman op treeplank vuilniswagen |
| Werknemer wist treeplank was voor blazer | Verworpen — niet aangetoond dat dit mondeling was meegedeeld |
| Werkinstructies aanwezig en nageleefd | Verworpen — instructies te algemeen, alleen in Nederlands (werknemer Pools) |
| Bewuste roekeloosheid (eerder gevallen die dag) | Verworpen — eerste val geen letsel, geen bewustzijn van gevaar |
De rechtbank verklaarde voor recht dat de werkgever (de voormalige vennoten van de VOF) hoofdelijk aansprakelijk zijn voor alle door de werknemer geleden en nog te lijden schade. De vergoeding wordt nader vastgesteld via een schadestaatprocedure.
Wat u hiervan kunt leren
- Taalbarrière telt mee bij de beoordeling van de zorgplicht. Werkinstructies die alleen in het Nederlands beschikbaar zijn, bieden een werkgever geen bescherming als de werknemer die taal niet begrijpt. Bij buitenlandse werknemers gaat de zorgplicht verder: instructies moeten begrijpelijk zijn voor de werknemer.
- Geen RI&E = zorgplicht niet nagekomen. Het ontbreken van een schriftelijke risico-inventarisatie en -evaluatie is één van de sterkste aanwijzingen dat de werkgever zijn verplichtingen niet heeft nageleefd. In deze zaak was er geen RI&E en geen toezicht.
- “Bewust roekeloos” is een extreem hoge lat. Werkgevers beroepen zich regelmatig op eigen schuld of roekeloosheid. De rechter toetst dit streng: de werknemer moet direct vóór het ongeluk daadwerkelijk hebben beseft dat hij roekeloos handelde. Eerder die dag al gevallen maar geen letsel opgelopen? Dan is er géén bewustzijn van gevaar.
- Ook een VOF kan aansprakelijk zijn — de vennoten persoonlijk. Omdat de VOF inmiddels omgezet was in een BV, werden de voormalige vennoten persoonlijk aangesproken. Dat beschermt u als slachtoffer: de aansprakelijkheid volgt de persoon, niet alleen de rechtsvorm.